2 april - Licht
Het gaat bij een Hemianopsie voortdurend over het niet meer zichtbare deel van je gezichtsveld. En natuurlijk over de prikkels die licht ook zijn: de oplichtende remlichten (liefst als het regent), de disco-bol in de kroeg.
Te weinig komt het, misschien niet dagelijkse maar toch heel frequente ochtendlicht aan de orde. Dat schitterende moment: je bent net wakker, uurtje of 7 en loopt naar het raam. Liefst een raam op het oosten. Buiten straalt de zon aan een blauwe hemel. Het is nog vroeg maar het licht is toch zo fel dat je je ogen dichtknijpt. Een nieuwe dag is begonnen.
Zo verging het 1.0 vaak.
Voor 2.0 is het een beetje anders.
Dat raam is nog altijd op het oosten, ik kijk er nog altijd graag uit. De beleving is echter wel een andere. Mijn hoofd vult zich, in een flits, met hel licht. Even is er niets anders, alleen dat licht. Ik sluit mijn ogen en pas na enige tijd durf ik ze weer te openen. En langzaam komen er ook weer andere beelden binnen. Ze zijn echter contrastloos, grauw. Die grauwheid houdt soms lang aan. Dus is het goed t weten dat het niet meer is dan een spelletje, dat mijn hersenen met me spelen. En dat kan ik ook: dus werk ik aan mijn blog op zo’n moment. Letters op papier zetten, in elektronische vorm, vraagt immers niet om een vrolijk gekleurd beeldschermpje. En ik heb als ik typ wel iets beters te doen dan me zorgen te maken over grauwe dingen: letters verdwijnen nog altijd van mijn toetsenbord in het hemianopsie-gat. Dit ondanks dat het volledig helder is dat hier sprake is van een rode lijn!
De oplettende lezers hebben, naast de rode lijn, vast ook de gekleurde stickertjes gezien! De twee ‘groene’ toetsen selecteren de hele tekst die door de cursor wordt aangewezen’ de oranje toetsen maken dat de geselecteerde tekst door mijn Macje wordt voorgelezen. Is echt een mirakel!!
Gisteren werd ik wakker in een witte wereld, het had gesneeuwd in de nacht. Op het programma stond een bezoekje aan mijn huisarts (bloeddruk meten en uitslagen van bloed- en urineonderzoek). Zijn praktijk is iets meer dan een kilometer verderop, een wandeling door het park.
Om half 10 op vrijdagmorgen is het park nagenoeg verlaten. Alleen de vogels zijn er. En dan is er het geluid van vallende, gesmolten sneeuw. Afhankelijk van de ondergrond is het getik luider of zachter. En ook de klank varieert. Bij elkaar maken de vele druppels een prachtig muziekwerk. Hetgeen een vraag oproept: zou leren hoe zoiets moois om te zetten in een compositie, deel uit kunnen maken van mijn revalidatie? Blijf dromen, zegt het stemmetje in mijn kop.
11 april - SCHUILEN in De Hoogstraat
Er mist iets, denk ik, in het lied ‘Mag ik dan bij jou?’ van Claudia de Breij. Er mist iets dat groter is, veel enger en waarvoor schuilen op een echt veilige plek niet zozeer een optie als wel een noodzaak is.
Het overkwam mij 5 maanden terug, die donderslag bij heldere hemel. Gedurende de nacht had ik een infarct. En langzaam, in de dagen en weken erna, werd me duidelijk wat ik als gevolg ervan ben kwijtgeraakt.
Die zoektocht was geen pret. Niet alleen dat er niks leuks is aan het kwijt zijn van een deel van mijn gezichtsvermogen - ik typ dit met mijn neus bijna tegen het beeldscherm aan terwijl ik ‘weet’ dat mijn ogen niets kunnen doen om de letters scherper te maken. Maar omdat ik de letters, woorden, zinnen van deze tekst zo graag wil vastleggen, doe ik het toch. Ik span mijn ogen in tot ze pijn doen.
Maar het is dus niet alleen, dat ‘Half niet zien’ waar ik bang voor was. Want als dat weg is, wat mist er dan nog meer, vroeg ik me af? En wanneer is er zoveel weg dat er eigenlijk geen sprake meer is van ‘Harry’.
Deze en vele vergelijkbare vragen stelde ik keer op keer. En nooit leken diegenen aan wie ik ze stelde, moe te worden van mijn gevraag. Vanaf het moment dat ik, op 15-12-2021, De Hoogstraat binnenkwam, heb ik mogen schuilen bij een team van mooie, bijzondere en vooral lieve mensen.
Het lukt me niet ieder van jullie apart alle eer te geven die je toe komt. Deels omdat ik maar niet kan besluiten bij wie te beginnen: hoe immers te kiezen tussen de sportleraar die me zo gek krijgt om te tennissen (wat was dat een pret!), of de fysiotherapeute die me veilig houdt terwijl ik op een fiets over de parkeerplaats cirkel (Feest!), of de arts die enthousiast meegaat in een gesprek over wat het ‘ik’ nu eigenlijk is. Of toch liever de verpleegkundigen die dag na dag, in het holst van de nacht, even om de hoek van de deur kwamen kijken?
Maar deels ook omdat ik nog lang niet zo ver ben dat ik alle belangrijke en mooie dingen die ik heb geleerd, echt op een rijtje heb. Gelukkig heb ik genoeg tijd dat later in te halen. Harry twee punt nul is immers nog niet af. Er is nog werk te doen.
Voor nu, Dank! Dank voor wat jullie me aan moois hebben gegeven.
Dank jullie wel!
Harry Troelstra, 11 april 2022
Geen opmerkingen:
Een reactie posten